ECLI:NL:CRVB:2019:3783
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing ontheffing werkzaamheden politie wegens onjuiste motivering
Appellant, werkzaam bij de politie, vroeg ontheffing van werkzaamheden aan op grond van de 18-maandenregeling. De korpschef wees de aanvraag af vanwege overbezetting op de peildatum 1 juni 2017. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, oordeelde dat de korpschef ex nunc mocht beslissen en dat de motivering voldoende was.
In hoger beroep betoogde appellant dat de rechtbank onjuist had geoordeeld over de motivering en de toepassing van de peildatum. De Raad stelde vast dat de motivering niet inzichtelijk was en dat de korpschef onjuist had gerapporteerd over de overbezetting. Daarom werd het besluit vernietigd en de korpschef opgedragen een nieuwe beslissing te nemen volgens de maatstaven uit eerdere uitspraken.
Het verzoek om schadevergoeding wordt mede bij de nieuwe besluitvorming betrokken omdat nog niet vaststaat of appellant schade heeft geleden. De Raad veroordeelde de korpschef tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 28 november 2019.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de korpschef opgedragen een nieuwe beslissing te nemen.