ECLI:NL:CRVB:2019:3798
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit korpschef over ontheffing werkzaamheden op grond van peildatum
Appellant, werkzaam bij de politie, diende op 10 augustus 2016 een aanvraag in voor ontheffing van werkzaamheden op grond van artikel 55aa van het Besluit algemene rechtspositie politie. De korpschef wees deze aanvraag aanvankelijk af omdat er meer lege plekken waren dan herplaatsingskandidaten. Na bezwaar werd alsnog inhoudelijk beslist op basis van de situatie op 1 juni 2017, waarbij de aanvraag werd afgewezen wegens onderbezetting.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af, stellende dat de korpschef ex nunc mocht beslissen en dat de procedure niet onrechtmatig was verlopen. In hoger beroep betoogde appellant dat de beoordeling op de peildatum had moeten plaatsvinden en dat de rechtbank ten onrechte het verzoek om schadevergoeding beperkte tot de lange duur van de procedure.
De Raad onderschreef het standpunt dat alle aanvragen gelijk moeten worden beoordeeld en dat de peildatum 1 juni 2017 rechtens toelaatbaar is. De korpschef moet de aanvraag opnieuw beoordelen op basis van die peildatum. Het verzoek om schadevergoeding wordt betrokken bij de nieuwe besluitvorming. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het bestreden besluit, en veroordeelde de korpschef in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 7 december 2017 wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd, met opdracht tot nieuwe beoordeling op basis van de peildatum 1 juni 2017.