ECLI:NL:CRVB:2019:676
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten en toekenning extra huishoudelijke ondersteuning in hoger beroep WMO
In hoger beroep is aangevoerd dat het college heeft nagelaten te bepalen hoeveel tijd nodig is om de toegekende huishoudelijke activiteiten met de juiste frequentie uit te voeren. De Raad stelt vast dat deze grond slaagt en vernietigt de aangevallen uitspraak en de besluiten van het college van 9 juni 2017, 2 februari 2018 en 25 september 2018.
De Raad voorziet zelf en bepaalt dat appellant vanaf 6 februari 2019 wekelijks vier uur en tien minuten ondersteuning bij het huishouden krijgt voor licht en zwaar huishoudelijk werk, wasverzorging en extra schoonmaakwerkzaamheden, conform het CIZ-protocol en de benodigde tijd van appellant.
Daarnaast heeft het college toegezegd eenmalig vier uur en tien minuten extra ondersteuning te verstrekken voor achterstallige schoonmaakwerkzaamheden. Tevens veroordeelt de Raad het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 6 februari 2019 en is openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De besluiten van het college worden vernietigd en appellant krijgt wekelijks vier uur en tien minuten huishoudelijke ondersteuning toegekend, inclusief eenmalige extra ondersteuning.