Uitspraak
18.3080 WIA
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was in aanmerking gebracht voor een loongerelateerde WGA-uitkering met een oorspronkelijke arbeidsongeschiktheid van 100%. Na herbeoordelingen stelde het UWV de mate van arbeidsongeschiktheid bij, waarbij discussie ontstond over de geschiktheid van appellant voor bepaalde functies, waaronder inpakker (handmatig).
De rechtbank had eerder geoordeeld dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd waarom appellant geschikt zou zijn voor sommige functies, waaronder inpakker, vanwege bezwaren rond medicatie en fysieke beperkingen. Het UWV nam daarop een nieuw besluit waarbij appellant ook geschikt werd geacht voor de functie inpakker (handmatig).
In hoger beroep betoogde appellant dat de beperkingen door medicatie en fysieke klachten niet voldoende waren meegewogen en dat ook eerdere besluiten betrokken hadden moeten worden. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het eerdere besluit over een latere datum niet in deze procedure aan de orde kon komen en dat de rechtbank terecht had geoordeeld dat appellant geschikt was voor de functie inpakker (handmatig).
De Raad bevestigde dat de belastende factoren van de functie inpakker niet de belastbaarheid van appellant overschrijden en dat de rechtbank terecht alleen deze functie had beoordeeld. Het hoger beroep werd verworpen en het verzoek tot schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en appellant is geschikt voor de functie inpakker (handmatig).