ECLI:NL:CRVB:2019:861
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering bijstand wegens niet gemelde bijschrijvingen op bankrekening
Appellanten ontvingen bijstand sinds april 2014 en werden onderzocht vanwege niet gemelde bijschrijvingen op hun bankrekening tussen april 2015 en april 2016. De gemeente Lelystad vorderde op grond hiervan een bedrag van €8.456,- terug, omdat de bijschrijvingen als inkomen werden aangemerkt dat op de bijstand in mindering moest worden gebracht.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak in hoger beroep. Appellanten stelden dat de bijschrijvingen geleend geld waren dat terugbetaald moest worden en dat terugvordering tot beëindiging van hun schuldsanering leidde, maar deze gronden werden verworpen.
De Raad oordeelde dat geleend geld niet is uitgezonderd van het middelenbegrip en dat periodieke betalingen als inkomen worden beschouwd. Dringende redenen om van terugvordering af te zien, zoals onaanvaardbare sociale of financiële gevolgen, werden niet aannemelijk gemaakt. Ook de berekening van loonheffing werd als correct beoordeeld.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt daarmee het bestreden besluit en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van bijstand wordt bevestigd.