ECLI:NL:CRVB:2020:2099
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens vervallen procesbelang bij Ziektewet-uitkering
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van het UWV waarin werd vastgesteld dat een Ziektewet-uitkering over de periode van 27 juni 2016 tot en met 31 maart 2017 onterecht was toegekend en onverschuldigd was betaald. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en de rechtbank wees het beroep van appellant af.
In hoger beroep stelde appellant dat hij mocht vertrouwen op de rechtmatigheid van de toegekende uitkering en dat terugvordering zou leiden tot een aanzienlijke financiële lacune. Na de zitting gaf het UWV aan af te zien van terugvordering van het onverschuldigde bedrag.
De Raad overwoog dat procesbelang vereist is om tot een inhoudelijke beoordeling te komen. Nu het UWV geen terugvordering meer nastreeft, is het procesbelang vervallen en kan appellant geen financieel of materieel gunstiger resultaat bereiken. Daarom is het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vervallen procesbelang.