ECLI:NL:CRVB:2020:3375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M. Hillen
- M.F. Wagner
- P.J. Huisman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vermogensoverschrijding bij intrekking en terugvordering bijstand
Appellante ontving bijstand op grond van de Participatiewet en meldde een schenking van €5.000,- ontvangen te hebben. Het college stelde vast dat hierdoor het vrij te laten vermogen werd overschreden en trok de bijstand in, met terugvordering van de kosten.
De rechtbank oordeelde dat het college onzorgvuldig had gehandeld door geen rekening te houden met schulden, maar gaf het college de gelegenheid dit te herstellen. Het college stelde het vermogen opnieuw vast en handhaafde de intrekking en terugvordering.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat bij de vaststelling van de vermogensoverschrijding alleen gekeken wordt naar de overschrijding van het vrij te laten vermogen en niet naar het actuele vermogen, inclusief schulden. Het hoger beroep wordt verworpen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat schulden niet betrokken hoeven te worden bij de vaststelling van vermogensoverschrijding voor intrekking van bijstand.