Uitspraak
18.3844 ZW
OVERWEGINGEN
artikel 16 van Pro de Wfsv, genoten in de referteperiode uit de dienstbetrekking waaruit de werknemer ziek is geworden.
Centrale Raad van Beroep
Appellant viel op 25 november 2016 ziek uit en ontving een Ziektewet-uitkering van het UWV. Het UWV stelde het dagloon vast op basis van het loon verdiend in de referteperiode van 21 tot en met 24 november 2016, voorafgaand aan de ziekteperiode. Appellant betwistte deze berekening en stelde dat ook het loon tot het einde van de dienstbetrekking op 17 december 2016 in aanmerking genomen moest worden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. De rechtbank oordeelde dat alleen het loon over de dagen vóór het intreden van de ziekte meegenomen mag worden, conform het loondervingsbeginsel van artikel 15 ZW Pro. Deze uitspraak werd bekrachtigd door de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat de tekst van artikel 12e, vijfde lid, van het Dagloonbesluit niet duidelijk maakt dat loon na het intreden van de ziekte moet worden meegenomen. De systematiek van het Dagloonbesluit en de toelichting geven geen aanwijzing dat loon na het verzekerde risico bij de dagloonberekening hoort. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.