Uitspraak
18.1704 PW
OVERWEGINGEN
.Op appellant waren de arbeidsverplichtingen als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de PW van toepassing.
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand op grond van de Participatiewet en was verplicht mee te werken aan arbeidsinschakeling. Hij verscheen niet op een jongerenbijeenkomst waarvoor hij was opgeroepen, waarop het college een maatregel van 30% bijstandsverlaging oplegde wegens recidive. Appellant voerde aan dat hij zich telefonisch had afgemeld vanwege financiële redenen en dat het college onterecht een maatregel oplegde.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij zich had afgemeld en dat zelfs bij afmelding het niet verschijnen hem te verwijten was, omdat de reiskosten slechts €2,10 bedroegen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat geen toezegging was gedaan dat geen maatregel zou volgen. Ook was de maatregel passend afgestemd op zijn financiële situatie.
De Raad bevestigde het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De maatregel van 30% bijstandsverlaging wegens niet verschijnen op de jongerenbijeenkomst wordt bevestigd.