ECLI:NL:CRVB:2022:2195
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van uitspraak inzake AOW-hoger beroep wegens termijnoverschrijding
Verzoeker heeft herhaaldelijk verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van de Raad van 28 maart 2019, waarin zijn hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet tijdig indienen van het beroepschrift. De oorspronkelijke zaak betrof een afwijzing van een AOW-aanvraag omdat niet was komen vast te staan dat verzoeker in Nederland had gewoond of gewerkt.
De Raad heeft in eerdere procedures het verzoek om herziening afgewezen, en ook in deze procedure is het verzoek afgewezen omdat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die aan de strikte voorwaarden van artikel 8:119 Awb Pro voldoen. De Raad benadrukt dat herziening niet bedoeld is om de zaak opnieuw te bespreken of de juistheid van de uitspraak te betwisten.
De beslissing is genomen zonder dat partijen verschenen tijdens de zitting en zonder toewijzing van proceskosten. Hiermee blijft de eerdere niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep in stand.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.