ECLI:NL:CRVB:2022:2209
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging tijdelijke aanstelling wegens contacten met crimineel circuit
Appellante was tijdelijk in dienst bij een defensieonderdeel en werd op grond van informatie van een veiligheidsorganisatie verdacht van contacten met personen uit het criminele circuit. Dit leidde tot beëindiging van haar dienstverband na afloop van de proeftijd. De staatssecretaris stelde dat deze contacten een aanzienlijk risico vormden voor de organisatie en dat het dienstverband daarom niet verlengd kon worden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarbij zij oordeelde dat het belang van de organisatie zwaarder woog dan dat van appellante en dat de staatssecretaris het besluit zorgvuldig had voorbereid. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar recht op een eerlijk proces was geschonden omdat zij geen toegang had tot de geheime informatie waarop het besluit was gebaseerd.
De Raad oordeelde dat de terughoudende toetsing van toepassing is bij beëindiging na proeftijd en dat de beperking van kennisneming van geheime stukken gerechtvaardigd was op grond van artikel 8:29 Awb Pro. De Raad bevestigde dat het besluit zorgvuldig was genomen en dat de belangenafweging rechtmatig was. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de tijdelijke aanstelling wegens contacten met het criminele circuit.