ECLI:NL:CRVB:2023:1542
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij maatwerkvoorziening Wmo 2015
Appellant, bekend met psychiatrische problematiek, had een maatwerkvoorziening voor individuele begeleiding op grond van de Wmo 2015 ontvangen voor de periode 1 december 2019 tot en met 31 maart 2020. Het dagelijks bestuur verlengde deze ambtshalve tot 31 mei 2020, maar wees een aanvraag tot verdere voortzetting af wegens onvoldoende medewerking aan het onderzoek.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing gegrond, vernietigde het besluit, maar hield de rechtsgevolgen in stand. Appellant ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad stelde ambtshalve vast dat appellant geen procesbelang had omdat het geschil alleen een reeds verstreken periode betrof, appellant inmiddels in het buitenland woont en niet aannemelijk is dat een inhoudelijk oordeel van belang is voor toekomstige perioden. Ook was niet gebleken dat appellant kosten voor individuele begeleiding had gemaakt, waardoor schadevergoeding niet aannemelijk was.
Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.