Appellant ontvangt een AIO-aanvulling en een Turks pensioen in Turkse Lira. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) rekende het pensioen om naar euro’s met een fictieve wisselkoers gebaseerd op een gemiddelde maandkoers van het voorafgaande kwartaal. Dit leidde tot een herziening en terugvordering van AIO-uitkeringen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar in hoger beroep oordeelt de Centrale Raad van Beroep dat de Svb onjuist heeft gehandeld. Volgens artikel 32, tweede lid, van de Participatiewet moeten inkomsten in de maand van ontvangst worden meegenomen, en dus moet de dagkoers van de valuta op de dag van ontvangst worden gehanteerd.
De Raad stelt dat het praktische bezwaar van de Svb om met dagkoersen te werken niet afdoet aan de wettelijke verplichting tot een juiste vaststelling. Daarom vernietigt de Raad het besluit en draagt de Svb op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens krijgt appellant een vergoeding van proceskosten en griffierechten.