Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante, voormalig administratief medewerker, ontving ziekengeld op grond van de Ziektewet sinds haar ziekmelding in november 2019 vanwege zwangerschapsgerelateerde klachten en later CVS. Het UWV beëindigde haar ziekengeld per 1 juni 2022, omdat zij volgens medisch en arbeidskundig onderzoek meer dan 65% van haar laatstverdiende loon kan verdienen in passende functies.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, oordeelde dat het medische onderzoek zorgvuldig was en dat rekening was gehouden met haar CVS-klachten en verzuimverleden. Appellante stelde in hoger beroep dat de medische beoordeling onvoldoende rekening hield met haar beperkingen, waaronder een te lage urenbeperking en onvoldoende erkenning van haar vermoeidheidsklachten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV terecht het ziekengeld beëindigde. De medische beoordeling was zorgvuldig, hield rekening met CVS en andere klachten, en de arbeidskundige selectie van functies was passend. Het hoger beroep werd afgewezen, de eerdere uitspraak bevestigd en het verzoek om schadevergoeding en terugbetaling van griffierecht werd geweigerd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld per 1 juni 2022 blijft in stand.