ECLI:NL:CRVB:2024:1947
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens niet-duurzaam ontbreken arbeidsvermogen
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering op grond van het ontbreken van arbeidsvermogen. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) heeft deze aanvraag geweigerd omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam zou zijn. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd en ook de Centrale Raad van Beroep volgt dit oordeel.
De Raad overweegt dat appellante op de datum van de aanvraag geen arbeidsvermogen had, maar dat dit niet duurzaam is omdat er een reëel perspectief is op verbetering. Dit oordeel is gebaseerd op medische rapporten, waaronder die van een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige, die aangeven dat met behandeling en begeleiding het arbeidsvermogen kan verbeteren. Appellante heeft tegen dit standpunt medische rapporten ingebracht die een andere conclusie suggereren, maar deze leiden niet tot een ander oordeel over de situatie op het moment van de aanvraag.
De Raad benadrukt dat duurzaamheid betekent dat de mogelijkheden tot arbeidsparticipatie zich niet meer kunnen ontwikkelen. Omdat op de datum van de aanvraag niet kon worden uitgesloten dat verbetering mogelijk was, is het besluit van het Uwv terecht. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: De weigering van de Wajong-uitkering wordt bevestigd omdat het arbeidsvermogen van appellante niet duurzaam ontbreekt.