ECLI:NL:CRVB:2024:784
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht in WAO-zaak
Appellante heeft op 23 september 2022 hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Limburg, maar heeft het vereiste griffierecht niet binnen de gestelde termijn voldaan. De rechtbank had eerder de beroepen kennelijk niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het hoger beroep niet-ontvankelijk is omdat het griffierecht niet is betaald, ondanks dat appellante hier meerdere malen op is gewezen via aangetekende brieven. Appellante betwistte de betalingsverplichting met het argument van fraude en verwijzing naar schending van diverse artikelen van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, maar deze gronden zijn reeds eerder beoordeeld en verworpen.
De Raad benadrukt dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij in onmacht verkeerde om het griffierecht te voldoen en dat het niet betalen van griffierecht leidt tot niet-ontvankelijkheid. Het verzoek om doorbreking van het appelverbod wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het hoger beroep wordt derhalve niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.