Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de voorzieningenrechter
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- wijst het verzoek om herziening af;
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Centrale Raad van Beroep
Verzoekster heeft verzocht om herziening van een uitspraak van de voorzieningenrechter van de Raad van 21 augustus 2025 en een voorlopige voorziening. Zij stelde dat er nieuwe feiten waren, waaronder medische omstandigheden die van invloed zijn op de vaststelling van de eerste arbeidsongeschiktheidsdag, en dat zij onjuist was geïnformeerd over de behandeling van de zitting.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de voorwaarden voor herziening op grond van artikel 8:119 Awb Pro niet waren vervuld, omdat de feiten niet nieuw en onbekend waren ten tijde van de uitspraak. Tevens werd geoordeeld dat het verzoek om voorlopige voorziening niet gegrond was. De stelling dat zij was overvallen door de behandeling van de hoofdzaak tijdens de zitting werd verworpen, mede omdat verzoekster zelf had verzocht de zaak in één keer te behandelen en geen bezwaar had gemaakt.
De uitspraak van 21 augustus 2025 bleef daarmee in stand. Het verzoek om herziening en het verzoek om voorlopige voorziening werden afgewezen. Er werd geen aanleiding gezien voor een vervallenverklaring van de eerdere uitspraak en geen proceskosten werden toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om herziening en het verzoek om voorlopige voorziening worden afgewezen en de uitspraak van 21 augustus 2025 blijft in stand.