ECLI:NL:CRVB:2025:1727
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag langdurige zorg wegens ontbreken blijvende behoefte aan 24-uurs nabijheid
Appellante, geboren in 1966 en lijdend aan artrose, polyneuropathie en een verstandelijke beperking, diende op 1 februari 2023 een aanvraag in voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Het CIZ wees deze aanvraag af omdat er geen sprake was van een blijvende behoefte aan 24 uur per dag zorg in de nabijheid om ernstig nadeel te voorkomen, gebaseerd op medisch advies van april en november 2023.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, stellende dat de zorgbehoefte grotendeels planbaar is en dat er passende voorzieningen zijn via de Zorgverzekeringswet en de Wet maatschappelijke ondersteuning. Ongeplande zorgmomenten, zoals zogenoemde 'knock-out aanvallen', kunnen worden opgevangen met alarmering, waarbij appellante in staat wordt geacht hulp in te roepen.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij 24-uurs begeleiding nodig heeft vanwege haar cognitieve beperkingen en onvermogen om zelfstandig hulp in te roepen. Diverse deskundigen bevestigden deze noodzaak. De Raad oordeelde echter dat het CIZ alle medische gegevens zorgvuldig heeft betrokken en dat er geen reëel risico is op ernstig nadeel bij het ontbreken van directe nabijheid van zorg.
De Raad zag geen aanleiding voor nader deskundigenonderzoek en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Appellante krijgt geen proceskostenvergoeding. De afwijzing van de aanvraag blijft daarmee in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de aanvraag Wlz-zorg wegens het ontbreken van een blijvende behoefte aan 24-uurs zorg in de nabijheid.