Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Deze zaak betreft het verzoek van betrokkene om een eenmalige uitkering op grond van een persoonsgebonden budget (pgb) op basis van de Zorgverzekeringswet (Zvw). De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees dit verzoek af omdat een eenmalige uitkering niet mogelijk is bij een Zvw-budget. Betrokkene maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar de Svb verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat betrokkene geen belanghebbende zou zijn.
De rechtbank oordeelde echter dat betrokkene wel belanghebbende was en vernietigde het besluit van de Svb, waarna de Svb werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. In hoger beroep stelde de Svb dat de brief van 26 april 2023 geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is, maar een weigering van feitelijke ondersteuning bij het verkrijgen van de uitkering.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit standpunt en oordeelt dat de brief geen besluit is waarop bezwaar en beroep openstaan. De Svb heeft het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard, zij het om onjuiste redenen. Het beroep wordt daarom alsnog ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd. Er worden geen kosten aan partijen opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard omdat de brief van de Svb geen besluit in bestuursrechtelijke zin is en bezwaar daarom niet ontvankelijk was.