Appellant, geboren in 1950 in Suriname, vroeg een tegemoetkoming aan op grond van het Tijdelijk besluit eenmalig bedrag ouderen van Surinaamse herkomst (TBSH). Deze aanvraag werd afgewezen omdat appellant volgens het Schakelregister in 1968, vóór zijn 18e verjaardag, naar Nederland verhuisde. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het besluit.
Appellant voerde aan dat hij niet vóór zijn 18e in Nederland woonde en dat de leeftijdsvoorwaarde in het TBSH niet passend is voor zijn situatie, omdat hij bewust voor Nederland koos en er bleef wonen. De minister stelde dat het Schakelregister betrouwbare gegevens bevat en dat de leeftijdsvoorwaarde strikt moet worden toegepast.
De Raad oordeelt dat het Schakelregister als objectief bewijs geldt en dat appellant onvoldoende heeft aangetoond dat hij pas na zijn 18e verjaardag in Nederland kwam wonen. De leeftijdsvoorwaarde in het TBSH is een politiek-bestuurlijke afweging die een terughoudende rechterlijke toetsing verdraagt. De voorwaarde is niet onredelijk bezwarend in het concrete geval van appellant.
De Raad bevestigt het bestreden besluit en wijst het hoger beroep af. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 9 april 2026.