ECLI:NL:GHAMS:2008:BH1905
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geheimhouding Draaiboek en Nieuwsbrieven in belastingprocedure
Belanghebbende voerde beroep tegen navorderingsaanslagen inkomsten- en vermogensbelasting. Na vernietiging door Hof ’s-Hertogenbosch en cassatie bij de Hoge Raad, werd de zaak verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam. In de 8:29-procedure werd beoordeeld of de inspecteur terecht passages uit het Draaiboek en Nieuwsbrieven geheim hield.
Het Hof stelde vast dat Draaiboek en Nieuwsbrieven als 8:42-stukken gelden, die in beginsel integraal aan belanghebbende moeten worden verstrekt. Echter, artikel 8:29 Awb Pro maakt geheimhouding mogelijk bij gewichtige redenen. Het Hof woog het belang van belanghebbende op eerlijke procesvoering af tegen het belang van de Belastingdienst bij geheimhouding van controlestrategieën, methodieken en privacy van derden.
Het Hof concludeerde dat het belang van de Belastingdienst bij geheimhouding zwaarder weegt dan het individuele belang van belanghebbende, met name om toekomstige controle-effectiviteit te waarborgen en privacy te beschermen. Alleen beleidsmatige informatie en relevante cijfergegevens werden geacht aan belanghebbende bekend te moeten worden gemaakt. De inspecteur mocht daarom volstaan met het overleggen van de Amsterdamse versie van de stukken. De verdere beslissing werd aangehouden.
Uitkomst: De inspecteur mocht de integrale Draaiboek- en Nieuwsbrievenversies geheim houden en volstond met de Amsterdamse versie.