ECLI:NL:GHAMS:2009:BK4982
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.H.A. Scholten
- W.H.F.M. Cortenraad
- D. Kingma
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid Dexia voor effectenlease en schadevergoeding bij onaanvaardbare financiële last
In deze zaak staat de aansprakelijkheid van Dexia Bank Nederland N.V. centraal wegens tekortkomingen in de nakoming van haar zorgplicht bij het aangaan van effectenleaseovereenkomsten met de wederpartij. De wederpartij vordert vernietiging van de overeenkomsten wegens dwaling en schadevergoeding voor betaalde rente, aflossingen en restschuld.
Het hof verwerpt het beroep op dwaling omdat uit de overeenkomsten voldoende duidelijk was dat het ging om leningen met risico's verbonden aan beleggingen in effecten. De wederpartij had zich bovendien redelijke inspanningen moeten getroosten om de risico's te begrijpen.
Dexia is tekortgeschoten in haar waarschuwings- en onderzoeksplicht, waardoor zij aansprakelijk is voor schade bestaande uit betaalde rente, aflossingen en restschuld. De vergoedingsplicht wordt echter verminderd wegens eigen schuld van de wederpartij. Het hof formuleert een vuistregel om te beoordelen wanneer sprake is van een onaanvaardbaar zware financiële last, waarbij inkomens- en vermogenspositie worden meegewogen.
De wettelijke rente over de schadevergoeding is verschuldigd vanaf de beëindigingsdatum van de leaseovereenkomsten. Het hof wijst de vordering van de wederpartij toe tot een bedrag van €8.633,62, verminderd met een derde deel dat voor rekening van de wederpartij blijft. De restschuld wordt voor tweederde deel voor rekening van Dexia genomen.
Uitkomst: Dexia is aansprakelijk voor schade uit effectenlease met vermindering wegens eigen schuld; schadevergoeding van €8.633,62 met wettelijke rente toegewezen.