ECLI:NL:GHAMS:2010:BO9950
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen navorderingsaanslag film-CV’s wegens weigering verliesverrekening
Belanghebbende nam in 2000 deel als commanditair vennoot in film-CV’s 4 en 5, onderdeel van een fonds met 40 CV’s gericht op filmproductie. De inspecteur legde een aanslag op waarbij verliezen uit deze CV’s niet werden geaccepteerd, omdat de CV’s geen onderneming dreven maar films bij derden bestelden en exploiteerden.
Na een bezwaarprocedure en uitspraak van de rechtbank Haarlem, die het beroep ongegrond verklaarde, werd hoger beroep ingesteld. Het Hof bevestigt dat de CV’s geen onderneming drijven, omdat zij films niet zelf voortbrengen maar kopen bij Amerikaanse productiemaatschappijen. De fiscale faciliteiten zoals investeringsaftrek en willekeurige afschrijving zijn daarom niet van toepassing.
Belanghebbende voerde aan dat de aanslag in strijd is met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het vertrouwensbeginsel en gelijkheidsbeginsel. Het Hof oordeelt dat geen toezegging is gedaan die recht geeft op aftrek en dat het gelijkheidsbeginsel niet is geschonden, mede gezien het landelijk beleid en controlestrategie.
Ook het beroep op het opportuniteitsbeginsel en rechtvaardigheidsbeginsel faalt, omdat de inspecteur bevoegd was tot navordering ondanks de vermeende misleiding door derden. Het Hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag wordt gehandhaafd omdat de CV’s geen onderneming drijven en geen recht op verliesverrekening bestaat.