ECLI:NL:GHAMS:2011:BP4334
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslag en vergrijpboete wegens onbelaste vaste onkostenvergoedingen
Belanghebbende, een architectenbureau, betaalde vaste onkostenvergoedingen aan werknemers zonder deze vooraf of bij betaling naar aard en omvang te specificeren, wat niet voldoet aan de fiscale voorwaarden voor onbelaste vergoedingen volgens artikel 15d Wet LB en artikel 47 Uitvoeringsregeling Pro loonbelasting.
De inspecteur legde een naheffingsaanslag loonbelasting/premie volksverzekeringen op over de jaren 2000-2004 en een vergrijpboete van 25%. Na bezwaar en rechtbankuitspraak bleef de naheffing gehandhaafd, maar werd de boete verminderd. In hoger beroep bevestigde het Hof de naheffingsaanslag omdat de vergoedingen niet aan de formele voorwaarden voldeden.
Het Hof oordeelde echter dat de inspecteur onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat belanghebbende grove schuld had, aangezien belanghebbende zich op professioneel advies had gebaseerd en niet bewust was van de fiscale tekortkomingen. Daarom werd de boetebeschikking vernietigd. Tevens werd belanghebbende in de proceskosten en griffierechten van het hoger beroep en eerste aanleg veroordeeld.
Uitkomst: De naheffingsaanslag wordt gehandhaafd, maar de vergrijpboete wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van grove schuld.