ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ3394
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. den Boer
- E.A.G. van der Ouderaa
- H.E. Kostense
- Rechtspraak.nl
Vorming fiscale eenheid bij certificering aandelen en zeggenschap
Belanghebbende had een verzoek ingediend om per 1 januari 2005 een fiscale eenheid te vormen met haar dochtermaatschappij. Dit verzoek werd door de inspecteur afgewezen en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Na hoger beroep en cassatie oordeelde de Hoge Raad dat het eerdere hof het oordeel moest herzien en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam.
Het geschil betrof de vraag of belanghebbende de juridische eigendom van de gecertificeerde aandelen in de dochtermaatschappij bezat, hetgeen vereist is voor het vormen van een fiscale eenheid volgens artikel 15 van Pro de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. De inspecteur stelde dat belanghebbende niet over de economische eigendom beschikte vanwege verpanding van aandelen aan een derde partij, maar dit vereiste nader onderzoek dat het hof niet kon uitvoeren.
Het hof stelde vast dat het bestuur van de Stichting Administratiekantoor ([STAK]) de stemrechten op de certificaten uitsluitend uitoefent op instructie van belanghebbende, zonder instemming van derden. Dit betekent dat belanghebbende de volledige zeggenschap heeft over de aandelen, ondanks de certificering en verpanding.
Daarom oordeelde het hof dat belanghebbende voldoet aan de voorwaarden voor het vormen van een fiscale eenheid met de dochtermaatschappij per 1 januari 2005. De eerdere beschikking van de inspecteur werd vernietigd, het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Belanghebbende vormt per 1 januari 2005 een fiscale eenheid met de dochtermaatschappij omdat volledige zeggenschap over de gecertificeerde aandelen bij haar berust.