ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ7375
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J. Leijdekker
- F.J.P.M. Haas
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vaststelling WGA-premie en ontvankelijkheid bezwaren uniforme premie
Belanghebbende betwistte de vaststelling van de uniforme premie en de gedifferentieerde WGA-premie door de inspecteur voor het jaar 2008. Het geschil spitste zich toe op de ontvankelijkheid van bezwaren tegen de uniforme premie en de juiste vaststelling van de WGA-premie.
Het hof oordeelde dat het UWV-besluit inzake de uniforme premie een algemeen verbindend voorschrift is, waardoor belanghebbende terecht niet-ontvankelijk werd verklaard in zijn bezwaren tegen de uniforme premie. Ten aanzien van de gedifferentieerde WGA-premie handhaafde het hof de ambtshalve verlaging door de inspecteur tot 1,26%, waarbij onder meer werd geoordeeld dat het betrekken van WAO-uitkeringen bij de berekening van de premie wettelijk is toegestaan en niet in strijd is met het gelijkheidsbeginsel of internationale verdragen.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank, behalve het onderdeel over griffierecht, en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. Verzoeken om vergoeding van wettelijke rente werden afgewezen op grond van vaste jurisprudentie. Het hoger beroep werd daarmee deels gegrond verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart het beroep tegen de uniforme premie niet ontvankelijk en handhaaft de ambtshalve verlaagde WGA-premie van 1,26%.