ECLI:NL:GHAMS:2011:BR2424
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- F.J.P.M. Haas
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering teruggave bouwleges wegens overschrijding termijn en geen recht op schadevergoeding
Belanghebbende verzocht om teruggave van 50% van de bouwleges betaald voor bouwvergunningen uit 1998 en 1999, omdat zij geen gebruik maakte van de vergunningen en deze later werden ingetrokken. De heffingsambtenaar weigerde de teruggave omdat het verzoek niet binnen de zes maanden termijn was gedaan zoals bepaald in de tarieventabellen bij de legesverordening.
In hoger beroep bevestigde het Hof dat de termijn van zes maanden bindend is en dat de belastingrechter geen bevoegdheid heeft om een langere termijn toe te kennen, ook niet indien andere gemeenten een langere termijn hanteren. De heffingsambtenaar had geen beleidsruimte en handelde conform de wettelijke voorschriften. De teruggaafregeling werd niet onverbindend verklaard.
Belanghebbende stelde ook dat de redelijke termijn van artikel 6 EVRM Pro was overschreden en verzocht om een schadevergoeding. Het Hof oordeelde dat geschillen over bouwleges gelijkgesteld moeten worden met belastinggeschillen die buiten de reikwijdte van artikel 6 EVRM Pro vallen. Zelfs indien artikel 6 EVRM Pro van toepassing zou zijn, was er geen aanleiding tot vergoeding van immateriële schade. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot teruggave van 50% bouwleges bevestigd zonder toekenning van schadevergoeding.