ECLI:NL:GHAMS:2012:BV7088
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.F. Slijpen
- H.E. Kostense
- A.M.J.G. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar overdrachtsbelasting wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende had op 20 juni 2002 overdrachtsbelasting betaald over de verkrijging van een monumentaal pand. Pas op 15 oktober 2009 werd bezwaar gemaakt tegen deze belasting, ruim na de wettelijke termijn van zes weken. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. De rechtbank bevestigde dit oordeel.
Belanghebbende stelde dat zij pas na de uitspraak van het Gerechtshof ’s-Gravenhage in mei 2009, waarin werd geoordeeld dat natuurlijke personen ook recht hebben op monumentenvrijstelling, aanleiding had om bezwaar te maken. Dit werd echter niet als verschoonbare termijnoverschrijding erkend, omdat zij binnen de termijn bezwaar had kunnen maken maar dit naliet.
Het Hof overwoog dat nieuwe jurisprudentie geen grond is om onherroepelijke aanslagen te herzien en bevestigde dat de inspecteur terecht het bezwaar niet-ontvankelijk heeft verklaard. Een inhoudelijke beoordeling van het bezwaar vond niet plaats. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werden geen kosten aan de partijen opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de overdrachtsbelasting wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding en het beroep wordt ongegrond verklaard.