ECLI:NL:GHAMS:2012:BY4871
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- P.F. Goes
- F.J.P.M. Haas
- E. van Waaijen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging volledige pensioenbelasting bij belanghebbende ondanks cessie aan echtgenote
Belanghebbende had de helft van zijn ouderdomspensioentermijnen overgedragen aan zijn echtgenote, die dit als zelfstandig recht tot inning wilde zien. De inspecteur belastte echter het volledige pensioen bij belanghebbende, wat door de rechtbank en het hof werd bevestigd. Het hof oordeelde dat het pensioen uit de dienstbetrekking van belanghebbende voortkomt en derhalve volledig bij hem belast moet worden, ook al is het recht op inning gedeeltelijk aan de echtgenote overgedragen.
Belanghebbende voerde aan dat deze volledige belasting in strijd was met internationale non-discriminatiebepalingen en dat het vertrouwensbeginsel hem recht gaf op een andere behandeling, omdat hij jarenlang de helft van het pensioen had aangegeven. Het hof verwierp deze gronden, stellende dat gehuwden en gescheiden personen fiscaal verschillend behandeld mogen worden en dat de inspecteur niet bewust een standpunt had ingenomen dat het pensioen slechts voor de helft belastbaar was.
De cessieakte gaf de echtgenote slechts het recht tot inning gedurende het huwelijk, geen zelfstandig recht op het pensioen. De inspecteur had de navorderingsaanslag 2002 vernietigd en geen navorderingsaanslagen over 2003 en 2004 opgelegd, maar dit kon niet worden gezien als een toezegging voor latere jaren. Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat het volledige pensioen bij belanghebbende belast moet worden en wijst het hoger beroep af.