ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ9173
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J. Leijdekker
- P.F. Goes
- E. van Waaijen
- Rechtspraak.nl
Geen voortzetting van de 30%-regeling bij onderbreking van meer dan drie maanden tussen dienstverbanden
Belanghebbende, een ingekomen werknemer met dubbele nationaliteit en een Master of Science, was vanaf januari 2009 werkzaam bij een werkgever en viel onder de 30%-regeling. Na vrijwillig vertrek in september 2009 volgde een studieperiode tot juni 2010, waarna zij een nieuwe arbeidsovereenkomst aanging per 1 juli 2010.
De inspecteur weigerde de voortzetting van de 30%-regeling omdat de periode tussen de dienstverbanden langer dan drie maanden was. Belanghebbende stelde dat deze termijn niet van toepassing was vanwege haar bewuste loopbaanonderbreking voor studie, gesteund op een parlementaire vraag en antwoord.
De rechtbank oordeelde dat de drie maanden termijn een harde grens is, bedoeld om te waarborgen dat de werknemer nog over schaarse specifieke deskundigheid beschikt. Het hof bevestigde dit oordeel en wees erop dat een ruimere interpretatie de regeling in de praktijk oncontroleerbaar zou maken.
Het hof benadrukte dat de beoordeling van de schaarse deskundigheid moet plaatsvinden op het moment van het aangaan van de nieuwe arbeidsovereenkomst. Omdat deze datum meer dan drie maanden na het einde van het vorige dienstverband lag, was voortzetting van de 30%-regeling terecht geweigerd.
De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen veroordeling in de proceskosten uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de 30%-regeling niet wordt voortgezet bij een onderbreking van meer dan drie maanden tussen dienstverbanden.