ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ9674
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar en verzoek persoonsgebonden aftrek 2003
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de aanslag inkomstenbelasting 2003 en verzocht om een beschikking voor niet in aanmerking genomen persoonsgebonden aftrek. De inspecteur verklaarde het bezwaar en het verzoek niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.
De rechtbank oordeelde dat een belastingaangifte geen aanvraag is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, waardoor de termijn voor bezwaar strikt geldt. Belanghebbende diende haar verbeterde aangifte te laat in, zonder verschoonbare omstandigheden.
Het Hof bevestigt dit oordeel en merkt op dat er geen grond is voor een beschikking persoonsgebonden aftrek omdat deze niet was opgenomen in de oorspronkelijke aangifte. Tevens is het verzoek van belanghebbende om gehoord te worden in de bezwaarfase niet gegrond.
De hogere beroepen worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er volgt geen veroordeling in kosten.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en het verzoek om een beschikking persoonsgebonden aftrek over 2003.