Uitspraak
mr. I.M.C.A. Reinders Folmerte Amsterdam,
mr. L.C.M. Bergerte Amsterdam,
mr. W.A.M. Rupertte Rotterdam.
Gerechtshof Amsterdam
Deze zaak betreft een hoger beroep in een civiel geschil tussen Remco Ruimtebouw B.V. en Janssen de Jong Groep B.V. enerzijds, en Drienerveld Onroerend Goed B.V. en diverse verzekeraars anderzijds. Het geschil draait om de instorting van een bedrijfspand in Enschede na zware sneeuwval en de vraag wie aansprakelijk is en of verzekeraars tot uitkering gehouden zijn.
Remco Ruimtebouw was de aannemer van het pand en werd door de rechtbank hoofdelijk veroordeeld tot betaling van ruim €6,5 miljoen aan Drienerveld. Verzekeraars weigerden uitkering vanwege een constructiefout. Partijen sloten een overeenkomst over betaling en zekerheden. Remco c.s. vorderden incidenteel tussenkomst of voeging in het hoger beroep om hun belangen te beschermen, met name voor het geval verzekeraars alsnog tot uitkering worden gehouden.
Het hof oordeelde dat deze incidentele vorderingen te laat zijn ingediend en toewijzing tot onredelijke vertraging van de procedure zou leiden. Daarom wees het hof de vorderingen af en veroordeelde Remco c.s. in de proceskosten. De hoofdzaak werd verwezen voor verdere behandeling. Het arrest werd uitgesproken door drie raadsheren op 29 juli 2014.
Uitkomst: De incidentele vorderingen tot tussenkomst en voeging van Remco c.s. worden afgewezen wegens onredelijke vertraging van de procedure.