ECLI:NL:GHAMS:2018:1292

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
17 april 2018
Publicatiedatum
18 april 2018
Zaaknummer
200.200.989/01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
5 uitgaand · 5 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking over prejudiciële vragen in hoger beroep tussen Ameco en geïntimeerde

In deze beschikking van 17 april 2018 in hoger beroep tussen Ameco en geïntimeerde heeft het gerechtshof Amsterdam partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de rechtsoverwegingen uit een eerdere beschikking van 16 januari 2018. Na ontvangst van de schriftelijke reacties van partijen en hun wederzijdse reacties, heeft het hof geoordeeld dat er geen aanleiding is om terug te komen op de prejudiciële vragen die in januari 2018 zijn geformuleerd.

Het hof besluit daarom de Hoge Raad te verzoeken de behandeling van deze prejudiciële vragen te hervatten. Tevens wordt de griffier opgedragen een afschrift van deze beschikking aan de civiele griffie van de Hoge Raad te sturen. Alle verdere beslissingen worden aangehouden.

Deze beschikking is door het meervoudige hof in het openbaar uitgesproken en betreft een procedurele stap in het kader van het hoger beroep, waarbij prejudiciële vragen aan de Hoge Raad worden voorgelegd ter beantwoording.

Uitkomst: Het hof verzoekt de Hoge Raad de behandeling van prejudiciële vragen te hervatten en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer : 200.200.989/01
zaaknummer rechtbank Amsterdam : 5082902 EA VERZ 16-552
en 5082998 EA VERZ 16-553
beschikking van de meervoudige burgerlijke kamer van 17 april 2018
inzake
AMSTERDAM MEAT COMPANY AMECO B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
appellante in principaal appel, tevens verweerster in incidenteel appel,
advocaat: mr. C.I.M. Molenaar te Volendam,
tegen
[geïntimeerde],
wonend te [woonplaats] ,
geïntimeerde in principaal appel, tevens appellant in incidenteel appel,
advocaat: mr. S. Karakaya-Pilavci te Leusden.

1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna Ameco en [geïntimeerde] genoemd.
Bij beschikking van 30 januari 2018 heeft het hof partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over hetgeen is verwoord in de rechtsoverwegingen 3.8.1 tot en met 3.8.5 van zijn beschikking van 16 januari 2018.
Bij brief van 23 februari 2018 (met bijlage) respectievelijk bij akte van 27 februari 2018 hebben partijen zich uitgelaten.
Partijen hebben vervolgens op elkaars uitlating gereageerd.

2.De verdere beoordeling

2.1.
Hetgeen partijen naar voren hebben gebracht, geeft het hof geen aanleiding terug te komen van het stellen van de in zijn beschikking van 16 januari 2018 geformuleerde prejudiciële vragen.
2.2.
Het hof zal de Hoge Raad daarom verzoeken de behandeling van de vraagstelling zoals geformuleerd in de beschikking van 16 januari 2018 te hervatten.

3.Beslissing

verzoekt de Hoge Raad de behandeling van de in de beschikking van 16 januari 2018 geformuleerde vragen te hervatten;
verzoekt de griffier een afschrift van deze beschikking te sturen aan de griffier van de Hoge Raad (civiele griffie);
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mrs. R.J.F. Thiessen, G.C. Boot en I.A. Haanappel-van der Burg en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 17 april 2018.