Belanghebbende maakte bezwaar tegen een gecombineerde belastingaanslag en vorderde vergoeding van gemaakte proceskosten. De rechtbank wees dit deel van de vordering af, maar het Gerechtshof Amsterdam oordeelt dat dit onterecht was en vernietigt het vonnis voor zover het de proceskosten betreft.
Het Hof stelt vast dat belanghebbende recht heeft op vergoeding van de kosten in bezwaar, beroep en hoger beroep, waarbij de tarieven uit het Besluit proceskosten bestuursrecht worden toegepast. De rechtbank maakte een kennelijke en evidente vergissing door de proceskosten niet toe te kennen, maar deze fout was slechts direct herkenbaar voor iemand met kennis van bestuursprocesrecht.
Het Hof begroot de proceskosten op in totaal €1.739 en bepaalt dat het betaalde griffierecht van €124 wordt terugbetaald. De overige onderdelen van de uitspraak van de rechtbank blijven ongewijzigd. De uitspraak werd mondeling gedaan op 21 augustus 2018 door de belastingkamer van het Hof.