Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
[X] ,
1.Het verloop van het geding in hoger beroep
2.De feiten
Grief I, die kort gezegd inhoudt dat de voorzieningenrechter dat niet heeft gedaan, behoeft daarom geen behandeling.
3.De beoordeling
grief VIte behandelen. Met deze grief komt Eigen Haard op tegen de afwijzing van het door haar gevorderde bedrag van € 4.760,95 wegens huurachterstand. Het hof oordeelt als volgt.
grieven II tot en met IVstrekken ten betoge dat de voorzieningenrechter ten onrechte de door Eigen Haard van [X] gevorderde ontruiming van de woning heeft afgewezen; zij kunnen gezamenlijk worden behandeld.
. Dit heeft uiteindelijk geleid tot een opname en psychiatrisch onderzoek waaruit is gebleken dat zij zwakbegaafd is, dat zij de gevolgen van haar handelen niet kan overzien en makkelijk beïnvloedbaar is. Dit verklaart waarschijnlijk dat [X] ondanks waarschuwingen het behoud van haar woning op het spel heeft gezet. Ter zitting heeft [B] van Mentrum haar zorgen geuit over de situatie van [X] . Het is volgens [B] zeer onwenselijk als zij[ [X] ; hof]
bij haar huidige partner gaat wonen. [X] is erbij gebaat in de woning te blijven. De hulpverlening is bereid tot intensieve hulp over te gaan en tweemaal in de week een bezoek aan de woning te brengen, aldus [B] . Onder deze bijzondere omstandigheden kan van Eigen Haard worden gevergd dat zij [X] vooralsnog in de woning laat wonen. Inmiddels zijn alle betrokkenen immers doordrongen van de ernst van de zaak. Dit moet wel worden gezien als een allerlaatste kans. Mocht [X] in de toekomst weer nauwelijks haar hoofdverblijf in de woning hebben en die aan derden in gebruik geven[dan wel, zo voegt het hof toe, zonder schriftelijke toestemming van Eigen Haard gedeeltelijk aan derden onderverhuren of in gebruik geven]
, dan zal ontruiming onvermijdelijk zijn”.
Grief VIII, die tegen die kostenveroordeling opkomt, is dan ook ten onrechte voorgedragen. Eigen Haard zal tevens als de ook in zoverre in het ongestelde partij in de kosten van het hoger beroep worden verwezen.