ECLI:NL:GHAMS:2021:1583
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Openbaar ministerie niet-ontvankelijk wegens lopende asielprocedure verdachte
In hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter is aan verdachte ten laste gelegd dat hij op Schiphol een vals paspoort bezat. Tijdens de behandeling gaf de raadsman aan dat verdachte een asielaanvraag in Nederland had ingediend, die nog in behandeling was, en dat hij zich beroept op het Vluchtelingenverdrag.
Het hof overwoog dat het openbaar ministerie volgens vaste jurisprudentie slechts ontvankelijk is als zonder nader onderzoek kan worden vastgesteld dat het beroep op het Vluchtelingenverdrag ongegrond is. Omdat de asielprocedure nog niet was afgerond, kon het hof dit niet vaststellen.
Daarom werd het vonnis van de politierechter vernietigd en verklaarde het hof het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vervolging. Dit volgt uit het belang van bescherming van vluchtelingen en het voorkomen van tegenstrijdige uitspraken tussen strafrechter en bestuursrechter.
De verdachte was aanvankelijk op doorreis naar het Verenigd Koninkrijk, maar heeft later alsnog een asielaanvraag in Nederland ingediend. Dit maakte het onmogelijk om de vervolging voort te zetten zolang de asielprocedure loopt.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 11 maart 2021.
Uitkomst: Het openbaar ministerie is niet-ontvankelijk verklaard wegens een nog lopende asielprocedure van verdachte.