Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
- het beroep gegrond verklaard;
- de uitspraak op bezwaar vernietigd;
- de aanslag IB/PVV 2017 verminderd tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 46.098 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 8.625;
- bepaalt dat de beschikking belastingrente voor het jaar 2017 dienovereenkomstig verminderd wordt; en
- de inspecteur opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden.
2.Feiten
-/- € 5.466
€ 39.826
-/- € 191
€ 48.344
-/- € 307.300
-/- € 25.000
€ 8.625.”
mijnvaktechnische kwaliteiten en
niet met dievan dat ambtenaren zooitje).
- de overeenkomstig Hoofdstuk 5 van de Wet IB 2001 (tekst voor 2017) berekende grondslag sparen en beleggen € 507.000 en het voordeel uit sparen en beleggen € 22.039.
- het voordeel uit sparen en beleggen op grond van de met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 in werking getreden Wet rechtsherstel box 3 € 28.724.
3.Geschil in hoger beroep
4.Het oordeel van de rechtbank
Op de zaak betrekking hebbende stukken (..,)
5.Beoordeling van het geschil in hoger beroep
- moet worden gekeken naar het nominale rendement op alle vermogensbestanddelen in box 3 die de belastingplichtige in de loop van het jaar heeft gehad, zonder aftrek van het heffingsvrije vermogen;
- geen rekening kan worden gehouden met positieve of negatieve rendementen in andere jaren;
- geen rekening kan worden gehouden met kosten maar wel met renten die betrekking hebben op schulden; en
- ook positieve en negatieve waardeveranderingen van vermogensbestanddelen tot dat rendement behoren (ook als ze nog niet zijn gerealiseerd).
6.Kosten
7.Beslissing
- bevestigt de uitspraak van de rechtbank behoudens de beslissing over de belastingrente en vernietigt de uitspraak in zoverre;
- vermindert de belastingrente tot € 430 en verder met de vermindering die voortvloeit uit de vermindering van de aanslag IB/PVV tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 46.098 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 8.625;
- wijst het verzoek tot schadevergoeding af;
- veroordeelt te inspecteur in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van € 27,87;
- gelast de inspecteur het voor het instellen van het hoger beroep betaalde griffierecht van € 136 aan belanghebbende te vergoeden.
de Hoge Raad der Nederlanden via het webportaal van de Hoge Raad www.hogeraad.nl.
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Alle andere personen en gemachtigden die beroepsmatig rechtsbijstand verlenen, zijn in beginsel verplicht digitaal te procederen (zie www.hogeraad.nl).
de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), postbus 20303, 2500 EH Den Haag.