Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
inspecteurvan de
Belastingdienst/Kantoor Utrecht(hierna: de Inspecteur)
1.Ontstaan en loop van het geding
2.De vaststaande feiten
OVERWEGENDE:
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende, een ondernemingspensioenfonds in liquidatie, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over het vierde kwartaal 2012 vanwege de aftrek van voorbelasting op kosten gemaakt in verband met de overgang naar Stichting [J]. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de aftrek af. Belanghebbende ging in hoger beroep en stelde dat de betaling van € 9.920.000 door [I] c.s. een vergoeding was voor een belaste prestatie, namelijk medewerking aan de collectieve waardeoverdracht.
Het hof onderzocht de contractuele afspraken en concludeerde dat belanghebbende en [I] c.s. een rechtsbetrekking hadden waarbij de kosten grotendeels werden doorbelast zonder winstopslag. Het hof oordeelde dat deze doorbelasting een economische activiteit is die belastbaar is en dat de voorbelasting op deze kosten aftrekbaar is. De stelling van de inspecteur dat het bedrag een onbelaste schadevergoeding was, werd verworpen wegens gebrek aan bewijs.
De naheffingsaanslag werd vernietigd en de proceskosten werden aan de inspecteur opgelegd. Hiermee werd bevestigd dat de doorbelasting van transitiekosten in het kader van de transitie van het pensioenfonds aan [I] c.s. belastbaar is en dat de voorbelasting daarop terecht in aftrek is gebracht.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt vernietigd en de voorbelasting op doorbelaste transitiekosten is aftrekbaar.