Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
1.Fagron Nederland B.V.,
Pharma Assist B.V.,
Fagronen
Pharma Assist,
[geïntimeerde],
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
3.De feiten
It has been decided that [geïntimeerde] , the coming 5 years, will be responsible for:
- the creation of a new antibiotic compounding unit in the Netherlands and after completion will lead the antibiotic compounding unit as General Manager and will report to the CEO [E]
- The creation of a new sterile compounding unit in the Netherlands and after completion will lead the sterile compounding unit as General Manager and will report to the CEO [E]
- Co-managing for Pharma Assist together with [F] as Plant Manager and will report to [C]
- Integration of Scheldezoom organization and Pharma Assist within the Fagron NL organization and will report to [C] .
om u volledig te kunnen richten op de onderhandelingen ten aanzien van het beëindigingsvoorstel t.a.v. de arbeidsovereenkomst dat (...) aan u is voorgelegd”. [C] heeft die dag diverse medewerkers van het bedrijf een e-mailbericht gezonden waarin zij heeft aangegeven dat [geïntimeerde] en Fagron een arbeidsconflict hebben en zij [geïntimeerde] om die reden heeft gevraagd naar huis te gaan. De dag daarna is [C] bij e-mailbericht van
6 september 2016 aan dezelfde diverse medewerkers op de opgegeven reden teruggekomen en heeft zij de organisatie de volgende toelichting gegeven op de non-actiefstelling van [geïntimeerde] :
Er gebeurt een hoop ten aanzien van de innovatieve projecten die we hebben voorzien voor Fagron. Hoewel onze financiële situatie stabiliseert, moeten we nog steeds voorzichtig zijn met onze uitgaven. Hierdoor is een kritische noot geplaatst bij de meerwaarde van het hebben van een Global Business Development Manager, thans zijnde [geïntimeerde] , ten aanzien van deze innovatieve projecten. Helaas is besloten om zijn functie te laten vervallen door het terugtrekken van project activiteiten waar [geïntimeerde] aan werkte.
Uw aanvraag is gebaseerd op bedrijfseconomische redenen. De bedrijfseconomische redenen zijn gelegen in organisatorische veranderingen.
4.De vorderingen en beoordeling in eerste aanleg
5.De beoordeling in hoger beroep
18 december 2015 stopgezet. Meer dan een half jaar later, op 2 september 2016, heeft
[C] er voor gekozen om de antibiotica productie unit in [D] in te richten als steriele productie unit voor de ontwikkeling en productie van voorgevulde injectiespuiten (RTA-spuiten) en tegelijkertijd de antibiotica zak (FAP-zak) verder te ontwikkelen. Ten opzichte van het oorspronkelijke plan in mei 2014 is daardoor gekozen voor een vereenvoudigd en financieel goedkoper concept. Vervolgens heeft Fagron [G] , die het nieuwe concept had aangedragen, als projectleider aangesteld. De aannemingsovereenkomst voor de nieuwbouw van de steriele productie unit is daarop op
29 september 2016 ontbonden. Door [G] als projectleider over de steriele/antibiotica unit aan te stellen, heeft Fagron naar het voorlopig oordeel van het hof feitelijk een substantieel deel van de werkzaamheden van [geïntimeerde] weggenomen. Of [geïntimeerde] dit over zich zelf heeft heengeroepen, zoals Fagron impliceert, door onvoldoende mee te denken aan een goedkopere opzet voor de steriele unit, kan hierbij verder in het midden blijven.