Uitspraak
[appellant],
de Staat,
1.Het verdere verloop van de procedure
2.De verdere beoordeling van het geschil
3.De slotsom
4.De beslissing
23 mei 2017bij akte kunnen uitlaten over:
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
In deze civiele zaak gaat het om onteigening en de bijzondere geschiktheid van een perceel, waarbij het geschil zich richt op de kosten die verband houden met deze bijzondere geschiktheid. Het hof neemt het tussenarrest van 14 februari 2017 over en constateert dat pleitnotities van partijen ten onrechte buiten beschouwing zijn gebleven, waardoor het hof besluit een nieuw tussenarrest te wijzen met inachtneming van deze pleitnotities.
De appellant voert aan dat de berekening van de schadevergoeding, inclusief kosten van ontgraving, transport en storten van niet vermarktbare grond, in de beoordeling moet worden betrokken. Het hof bevestigt dat partijen zich mogen beroepen op gewijzigde feitelijke omstandigheden binnen de grenzen van de rechtsstrijd, maar wijst erop dat bepaalde nieuwe feiten buiten beschouwing moeten blijven omdat ze niet meer tot de rechtsstrijd behoren.
Het hof oordeelt dat het debat beperkt is tot de kosten van het ontgraven, transporteren en storten van 500.000 m³ niet vermarktbare grond en dat een deskundigenonderzoek noodzakelijk is om vast te stellen welke kosten in mindering moeten worden gebracht op het voordeel van € 1.700.000,- dat door deskundigen is vastgesteld. Partijen krijgen de gelegenheid om gezamenlijk of afzonderlijk deskundigen voor te dragen en vragen te formuleren. De verdere beslissing wordt aangehouden totdat dit onderzoek is afgerond.
Uitkomst: Het gerechtshof wijst een deskundigenonderzoek toe en houdt verdere beslissing aan.