Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
[Z](hierna: belanghebbende)
heffingsambtenaarvan
Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR)(hierna: de heffingsambtenaar)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Belanghebbende is eigenaar van een woning en een schuur die meer dan 400 meter uit elkaar liggen aan weerszijden van dezelfde straat. De schuur is voorzien van zonnepanelen die elektriciteit opwekken, waarvan het overschot aan het elektriciteitsnet wordt geleverd en niet rechtstreeks aan de woning wordt geleverd. Belanghebbende vordert dat woning en schuur als één WOZ-object worden aangemerkt, mede vanwege het hobbymatig gebruik en de instandhouding van cultuurhistorisch erfgoed.
De heffingsambtenaar en de rechtbank Gelderland oordeelden dat woning en schuur geen samenstel vormen, vooral vanwege de afstand, verschillende bestemmingen en het ontbreken van een directe verbinding. Het hof bevestigt dit oordeel, benadrukt dat de elektriciteit die wordt geleverd en afgenomen via het net geen directe koppeling vormt en dat de functionele en fysieke afstand te groot is om van één onroerende zaak te spreken.
Het hof concludeert dat de woning en schuur niet als samenstel kunnen worden aangemerkt op grond van artikel 16, onderdeel d, Wet WOZ. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat woning en schuur geen samenstel vormen en als afzonderlijke onroerende zaken worden aangemerkt.