Uitspraak
GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN
inspecteurvan de
Belastingdienst/Douane, kantoor Arnhem(hierna: de Inspecteur)
[Z] , Duitsland(hierna: belanghebbende)
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Aan boord van een motortankschip werd tijdens een controle gasolie aangetroffen in de bunkertanks met een lager SY-gehalte dan voorgeschreven. De inspecteur legde naheffingsaanslagen accijns en voorraadheffing op en een verzuimboete. De rechtbank vernietigde deze naheffingsaanslagen wegens onvoldoende onderzoek en legde de bewijslast geheel bij de inspecteur.
In hoger beroep stelde de inspecteur dat de monstername correct was uitgevoerd door bevoegde douaneambtenaren en dat belanghebbende de gasolie feitelijk voorhanden had. Het hof oordeelde dat de monstername en analyse door het Douanelaboratorium rechtsgeldig waren en dat de accijnsregels correct waren toegepast, waarbij het ontbreken van voldoende merkstof (SY) leidde tot een terecht opgelegde naheffingsaanslag.
Het hof verwierp het beroep op vrijstelling omdat de wettelijke voorwaarden, waaronder het SY-gehalte, niet waren nageleefd. Wel oordeelde het hof dat belanghebbende niet aansprakelijk kon worden gehouden voor de verzuimboete, omdat niet is vastgesteld hoe de gasolie vermengd raakte en belanghebbende het voordeel van de twijfel toekomt.
Het hof vernietigde daarom de verzuimboete, handhaafde de naheffingsaanslagen verminderd door de inspecteur en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De naheffingsaanslagen worden gehandhaafd verminderd door de inspecteur, de verzuimboete wordt vernietigd.