ECLI:NL:GHARL:2020:10767
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- R. Feunekes
- J.H. Lieber
- A. Smeeing-van Hees
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot echtscheiding wegens niet-tijdige betekening
Partijen zijn gehuwd sinds 2006 en hebben twee minderjarige kinderen. De man heeft bij de rechtbank Amsterdam een verzoek tot echtscheiding met nevenvoorzieningen ingediend op 2 december 2019. De rechtbank verklaarde hem niet-ontvankelijk omdat de betekening van het verzoek aan de vrouw niet binnen de veertien dagen na indiening had plaatsgevonden, zoals vereist in artikel 816 lid 1 Rv Pro.
De man ging in hoger beroep en verzocht het hof de beschikking te vernietigen en hem ontvankelijk te verklaren, met het verzoek het echtscheidingsverzoek verder te behandelen nadat de vrouw opnieuw betekening zou ontvangen. De vrouw heeft geen verweer gevoerd.
Het hof oordeelde, net als de rechtbank, dat niet was voldaan aan het wettelijke vereiste van tijdige betekening. De stelling van de man dat de vrouw op de hoogte was en niet in haar belangen was geschaad, werd verworpen. De wet schrijft een strikte termijn voor die niet kan worden vervangen door kennisname of procesreglementen.
Het hof bekrachtigde daarom de bestreden beschikking en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd aan de man. De uitspraak werd openbaar gedaan op 22 december 2020.
Uitkomst: De man is niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot echtscheiding wegens niet-tijdige betekening.