ECLI:NL:GHARL:2022:1321
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid hoger beroep ondanks onvolkomen bijzondere schriftelijke volmacht
In deze strafzaak heeft het hof Arnhem-Leeuwarden op 22 februari 2022 uitspraak gedaan over de ontvankelijkheid van het hoger beroep van verdachte. De kern van het geschil betrof de vraag of een per e-mail ingestelde bijzondere schriftelijke volmacht, voorzien van een gescande handtekening, rechtsgeldig was volgens artikel 450 Sv Pro en het Besluit digitale stukken Strafvordering.
De advocaat-generaal stelde dat de volmacht niet rechtsgeldig was omdat een gescande handtekening niet voldeed aan de eisen van het Besluit en dat verdachte daarom niet ontvankelijk moest worden verklaard. De verdediging verwees naar jurisprudentie en stelde dat het verzuim voor gedekt moest worden gehouden omdat verdachte en zijn raadsman ter terechtzitting verschenen en de wens tot hoger beroep onmiskenbaar was.
Het hof oordeelde dat de e-mail met gescande handtekening inderdaad geen rechtsgeldige bijzondere schriftelijke volmacht is, maar dat op grond van recente Hoge Raad-uitspraak het verzuim in dit geval voor gedekt moet worden gehouden. Daarom werd verdachte ontvankelijk verklaard en werd het onderzoek heropend voor inhoudelijke behandeling.
Het arrest benadrukt het belang van de waarborging van authenticiteit bij digitale volmachten, maar geeft ook ruimte voor praktische rechtvaardigheid wanneer de wil van de verdachte duidelijk blijkt tijdens de zitting.
Uitkomst: Verdachte is ontvankelijk verklaard in het hoger beroep ondanks onvolkomen bijzondere schriftelijke volmacht, omdat het verzuim voor gedekt wordt gehouden.