ECLI:NL:GHARL:2024:5453
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen afdracht hogere huur bij onderverhuur pachtwoning en geen gedwongen eigendomsoverdracht pachter
Deze civiele zaak betreft een geschil over de pacht van een hoeve en de onderverhuur van de woning die daarbij hoort. De pachter verhuurt de woning sinds 2008 met toestemming van de verpachter aan derden voor een hogere huurprijs dan de pachtprijs. Monumenten Bezit, de nieuwe eigenaar, vordert betaling van het verschil tussen huur en pacht en wil de pachtprijs verhogen.
Het hof oordeelt dat er geen wettelijke of contractuele grondslag bestaat voor een hogere pachtbetaling enkel vanwege de onderverhuur. De toestemming van de verpachter impliceert geen betalingsverplichting voor het verschil. Ook een beroep op analogie met gedwongen teeltpacht faalt. Daarnaast is geen sprake van ongerechtvaardigde verrijking omdat de toestemming gegeven is en Monumenten Bezit onvoldoende schade heeft aangetoond.
Verder vordert de pachter overdracht van het gepachte vanwege schending van het voorkeursrecht bij verkoop. Het hof stelt vast dat Monumenten Bezit een verklaring heeft afgegeven afstand te doen van haar opzeggingsrecht op grond van dringend eigen gebruik, maar dat deze niet tijdig of niet op juiste wijze is ontvangen. Desondanks is er geen onrechtmatige daad omdat geen bijkomende omstandigheden zijn gesteld die dat aannemelijk maken.
Het hof bekrachtigt de eerdere vonnissen, wijst de vorderingen van Monumenten Bezit af en veroordeelt beide partijen tot betaling van elkaars proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van Monumenten Bezit en van [geïntimeerde] c.s. af en bekrachtigt de eerdere vonnissen.