De appellant was in dienst bij Signpost Nederland B.V. op basis van twee arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd. Na afloop van de laatste overeenkomst besloot Signpost deze niet te verlengen. De appellant stelde dat Signpost ernstig verwijtbaar handelde en vroeg om een billijke vergoeding en transitievergoeding. De kantonrechter wees beide verzoeken af.
In hoger beroep bevestigde het hof dat geen sprake was van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten door Signpost. De appellant kon zijn stellingen over systematische tegenwerking en het ontnemen van zijn netwerk onvoldoende onderbouwen. Ook de discussie over de bonus en het aanstellen van een andere medewerker werden door het hof niet als verwijtbaar aangemerkt. Wel werd vastgesteld dat de werkgever een grote beleidsvrijheid heeft bij het niet verlengen van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd.
Het hof kende wel een transitievergoeding toe, inclusief een bonuscomponent over 2022, conform het Besluit loonbegrip. De transitievergoeding werd vastgesteld op €5.125,-, verminderd met reeds betaalde bedragen. De kosten van de procedure werden gecompenseerd. De beschikking van de kantonrechter werd daarmee grotendeels bekrachtigd.