Uitspraak
1.[geïntimeerde1]
[appellant],
[geïntimeerde1]en
[geïntimeerde2].
1.Het verloop van de procedure in hoger beroep
2.De kern van de zaak
3.De feiten
4.De procedure en de vorderingen
- de boerderij c.a. aan de [adres] (kadastraal bekend gemeente [gemeentenaam] , Sectie [nummer1] ) wordt toegedeeld aan [appellant] ;
- de overige onroerende zaken (kadastraal bekend gemeente [gemeentenaam] , Sectie [nummer2] , [nummer3] en [nummer4] , Sectie [nummer5] , [nummer6] , [nummer7] en [nummer8] en Sectie [nummer9] ) worden toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] gezamenlijk;
- met de bepaling dat in de notariële leveringsakte een (gebruikelijke) meerwaardeclausule zal worden opgenomen die zal gelden voor de duur van vijftien (15) jaren te rekenen vanaf de datum van de leveringsakte, op grond waarvan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] gehouden zijn om een eventuele waardevermeerdering van de 'warme grond' ten gevolge van een wijziging van de daarop rustende bestemming (zoals verkort weergeven op p. 9 van het deskundigenbericht onder het kopje "3. Publiekrechtelijke aspecten - bestemming") met [appellant] te delen, waarbij heeft te gelden dat [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] elk tot vijf/twaalfde deel van de waardevermeerdering gerechtigd zullen zijn en [appellant] tot twee/twaalfde deel daarvan;
- de overige tot de huwelijksgemeenschap behorende bezittingen worden toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] gezamenlijk, onder gehoudenheid om de schulden van de huwelijksgemeenschap voor hun rekening te nemen en als hun eigen schulden te voldoen (welke bezittingen en schulden genoegzaam volgen uit de successieaangifte ter zake van de nalatenschap van vader), doch met uitzondering van de belastingclaim 'wegens verkoop';
- de bezittingen van de maatschap worden toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] gezamenlijk, onder gehoudenheid om de schulden van de maatschap voor hun rekening te nemen en als hun eigen schulden te voldoen (welke bezittingen en schulden genoegzaam volgen uit het jaarrapport 2015/2016 van de maatschap);
- van de bezittingen van de vof worden toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] gezamenlijk: een schoffelbank, een computer, een frontpakker, 2 banden Michelin, een koolplanter, een Tulip kopeg, een Lemken 5-schaar en een regeninstallatie;
- de overige bezittingen van de vof worden toegedeeld aan [appellant] , onder gehoudenheid om de schulden van de vof voor zijn rekening te nemen en als zijn eigen schulden te voldoen (welke bezittingen en schulden genoegzaam volgen uit het jaarrapport 2016 van de vof);
- onder gehoudenheid van [appellant] om aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] te voldoen een bedrag groot € 65.750,00.
5.De beoordeling
maatschapworden toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] . Daarbij overwoog de rechtbank dat [appellant] weliswaar te kennen heeft gegeven dat hij toedeling wenst van ‘bijbehorende machines’ bij de boerderij aan de [adres] , maar dat aan die toedeling niet kan worden toegekomen omdat [appellant] niet duidelijk heeft gemaakt om welke bedrijfsmiddelen het gaat (zie rov. 5.22 tussenvonnis). De rechtbank heeft de bedrijfsmiddelen van de
vofverdeeld op de wijze zoals door [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] was gevorderd, waarbij de rechtbank heeft opgemerkt dat [appellant] het kennelijk met die wijze van verdeling eens is. Zodoende is een aantal specifieke bedrijfsmiddelen van de vof toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] en zijn de overige bedrijfsmiddelen van de vof toegedeeld aan [appellant] (zie rov. 5.32 tussenvonnis).
vof. [appellant] wil, zo begrijpt het hof, dat alsnog álle bedrijfsmiddelen van de vof aan hem toebedeeld. Het hof ziet echter geen grond of aanleiding om de bedrijfsmiddelen van de vof, waarvan eerder beslist is dat die worden toegedeeld aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] , alsnog aan [appellant] toe te delen. [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] hebben uitdrukkelijk gevorderd de betreffende bedrijfsmiddelen aan hen toe te delen. [appellant] heeft ook in dit hoger beroep niet voldoende duidelijk gesteld en toegelicht dat en waarom hij belang zou hebben bij toedeling van diezelfde bedrijfsmiddelen. Daarbij neemt het hof in aanmerking dat de activiteiten van de vof, die gevestigd was aan de [adres] , al in 2016 zijn gestaakt. Het hof komt daarom met de rechtbank tot de slotsom dat de
specifiekebedrijfsmiddelen van de vof waarvan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] uitdrukkelijk hebben gevorderd die aan hen toe te delen, in redelijkheid aan [geïntimeerde1] en [geïntimeerde2] moeten worden toegedeeld.
toevoeging hof], wonende aan de [adres] te Noordwolde stelde mij de concept jaarrekening 2002/2003 ter hand, met het verzoek een en ander met u op te nemen.