Uitspraak
[verzoeker]
Qbuzz
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
De werknemer was sinds 2010 in dienst en werkzaam als operationeel manager bij Qbuzz. De werkgever verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de e-grond (verwijtbaar handelen) en subsidiair op de g-grond (verstoorde arbeidsverhouding). De kantonrechter kende ontbinding toe op de g-grond per 1 februari 2026.
In hoger beroep stelde de werknemer zich op het standpunt dat geen redelijke grond bestond voor ontbinding en verzocht hij herstel van de arbeidsovereenkomst met terugwerkende kracht. Het hof oordeelde dat de werknemer weliswaar een kritische vraag stelde tijdens een overleg, maar dat dit niet zodanig verwijtbaar was dat voortzetting van de arbeidsovereenkomst redelijkerwijs niet kon worden verlangd. Ook de overige gedragingen waren niet voldoende voor een e-grond.
Ten aanzien van de g-grond stelde het hof vast dat hoewel er irritatie en kritiek was op het functioneren van de werknemer, er geen sprake was van een duurzaam en onherstelbaar verstoorde arbeidsverhouding. De werkgever had onvoldoende aangetoond dat herstel onmogelijk was en had de werknemer niet adequaat aangesproken op zijn functioneren.
Het hof vernietigde de ontbindingsbeschikking en herstelde de arbeidsovereenkomst per 1 februari 2026. Tevens veroordeelde het hof de werkgever tot betaling van salaris, wettelijke rente, wettelijke verhoging en proceskosten. De wedertewerkstelling met dwangsom werd afgewezen vanwege de benodigde voorbereiding voor terugkeer.
Uitkomst: Het hof herstelt de arbeidsovereenkomst per 1 februari 2026 en wijst het ontbindingsverzoek van de werkgever af.