ECLI:NL:GHARN:2007:BI4726
Gerechtshof Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over winstcorrectie en boete bij coffeeshop wegens schending administratieplicht
Belanghebbende, een coffeeshophouder, werd geconfronteerd met een aanslag inkomstenbelasting en een vergrijpboete wegens het niet naleven van de administratieplicht zoals voorgeschreven in artikel 52 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR). De Inspecteur had de winst uit de verkoop van softdrugs gecorrigeerd op basis van een redelijke schatting, omdat de administratie onvoldoende betrouwbaar was.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat zij softdrugs voorverpakt had ingekocht en dat de administratie niet voldeed aan de wettelijke bewaarplicht. De verhouding tussen de omzet softdrugs en andere omzet was significant lager dan bij vergelijkbare coffeeshops, wat het Hof aannemelijk achtte als een te lage winstverantwoording.
De Inspecteur had de winstcorrectie redelijk berekend, rekening houdend met een gemiddelde verhouding van 3,25 tussen omzet softdrugs en omzet laag tarief. Het Hof oordeelde dat belanghebbende bewust en opzettelijk een onjuiste aangifte had gedaan, waardoor de boete terecht was opgelegd. Vanwege overschrijding van de redelijke termijn werd de boete echter verminderd tot € 40.000.
Daarnaast werd de aanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 481.313 en de proceskosten werden aan de Inspecteur opgelegd. Het beroep van belanghebbende werd gegrond verklaard, waarbij de eerdere uitspraak van de Inspecteur werd vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 481.313 en de boete verminderd tot € 40.000.