ECLI:NL:GHARN:2010:BM9843
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing fiscaal partnerschap en aanslag inkomstenbelasting 2005
Belanghebbende heeft voor het jaar 2005 een aanslag inkomstenbelasting ontvangen waarbij het verlies uit werk en woning nihil werd vastgesteld. Hij stelde dat hij en A fiscaal partners waren en betwistte de aanslag en de heffingsrente. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna belanghebbende hoger beroep instelde bij het Gerechtshof Arnhem.
Het geschil betrof voornamelijk de vraag of belanghebbende en A als fiscaal partners konden worden aangemerkt. Belanghebbende stelde ingeschreven te zijn op hetzelfde adres in Duitsland, maar kon dit niet aannemelijk maken met het originele bewijsstuk. De Inspecteur betwistte de inschrijving en gebruikte een brief van een Duitse gemeente waaruit bleek dat belanghebbende niet op het opgegeven adres stond ingeschreven.
Het Hof oordeelde dat de bewijslast bij belanghebbende lag en dat hij niet aannemelijk had gemaakt dat hij op het adres stond ingeschreven. Ook het gebruik van de brief door de Inspecteur was niet onrechtmatig. Verder kon belanghebbende zich niet beroepen op subsidiaire gronden zoals artikel 1.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 of het vertrouwensbeginsel. Het beroep tegen de aanslag en heffingsrente werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt dat belanghebbende en A geen fiscaal partnerschap hadden en verklaart het beroep ongegrond.